Suprapubische sonde

Wat is een suprapubische sonde?
Een suprapubische verblijfsonde is een soepel, dun buisje dat doorheen de onderbuik in de blaas geplaatst wordt (suprapubische sonde). In deze brochure geven we u enkele verzorgings- en leefstijladviezen mee. Hebt u nog bijkomende vragen, dan kan u terecht bij de verpleegkundigen van de consultatie of hospitalisatieafdeling en bij uw behandelend arts.


Gebruik beenzakje en kraantje

Beenzak
Wanneer u met de sonde naar huis gaat, krijgt u van de verpleegkundige een beenzak. Dit is een urinezak die u op uw been kan dragen, onder uw kledij. Onderaan de beenzak zit een kraantje, waarlangs de zak kan leeggemaakt worden. Gewoonlijk moet u de beenzak elke 4 tot 6 uur leegmaken of wanneer de zak voor 2/3 gevuld is. 

 

U kan de urinezak leegmaken door een voet op de rand van het toilet te plaatsen. U richt de kraan in de toiletpot en opent de kraan. 

 

U kan de beenzak zowel op uw boven- als op uw onderbeen dragen. Afhankelijk van uw voorkeur kan u de lengte van de leiding van de beenzak en de beenriempjes aanpassen. U kan dus net zo goed een rok of korte broek dragen als u de beenzak op het bovenbeen draagt. Draagt u de beenzak op het onderbeen, steek dan het kraantje in uw kous. 

foto 1

Voor het slapengaan verbindt u het uiteinde van de beenzak met een nachtzak (zie foto 1). De nachtzak is een zak waar twee liter urine in kan, zodat u ’s nachts niet moet opstaan om de zak leeg te maken. U kan best de verbinding tussen de sonde en de beenzak niet openen om een nachtzak aan te koppelen. Nadat u de nachtzak met de beenzak verbonden hebt, opent u het kraantje van de beenzak zodat de urine van de beenzak in de nachtzak kan doorlopen.

 

U mag de beenzak losmaken van uw been en naast u in bed leggen. De nachtzak legt u best op de grond naast uw bed. Let wel op dat het kraantje van de nachtzak gesloten is. 

 

’s Ochtends sluit u het kraantje van de beenzak en maakt u de nachtzak los. U maakt de nachtzak leeg in het toilet. Vervolgens spoelt u de nachtzak door met water en hangt u deze te drogen. De volgende avond hergebruikt u de nachtzak.


U kan eenmaal per week de nachtzak met water en azijn doorspoelen om de urinegeur te verminderen (200 ml water en 100 ml azijn).


De sonde mag enkel ontkoppeld worden om de oude beenzak te verwijderen en een nieuwe aan te koppelen. De beenzakken worden terugbetaald. U kan dus om de vijf dagen de oude beenzak verwisselen voor een nieuwe. Ook de nachtzak kan u om de vijf dagen wisselen. Er is terugbetaling voorzien voor 20 been- en 20 nachtzakken per drie maanden.

foto 2

foto 3

Heeft de arts aan het uiteinde van de sonde een kraantje laten bevestigen, dan moet u zelf op gezette tijdstippen de blaas leegmaken. Op het moment dat u plasdrang heeft, probeert u te plassen langs de natuurlijke weg. Indien dit niet mogelijk is, laat u de blaas leeglopen via het kraantje in het toilet.


Voelt u geen plasdrang meer, dan zorgt u ervoor om elke vier tot maximum zes uur het kraantje te openen om de blaas te ledigen. ’s Nachts mag u een nachtzak aan het kraantje koppelen, zodat u niet hoeft op te staan om de blaas te ledigen.

 

Verzorging suprapubische sonde

Drie keer per week dient de insteekplaats ter hoogte van de onderbuik gereinigd te worden met fysiologisch water/alcoholische ontsmettingsstof. Hiervoor wordt best een droog verband gefixeerd (foto 3). Best wordt de sonde telkens op een andere plaats gefixeerd, zodat er zich geen ‘wild vlees’ of drukletsel kan vormen ter hoogte van de insteekplaats. Dus als de sonde de ene week links op uw buik gekleefd wordt, wordt hij de andere week rechts vastgekleefd.

Met een sonde doorheen de onderbuik mag u een douche nemen. U verwijdert het afdekkend verband. Tijdens het douchen gebruikt u geen zeep ter hoogte van de insteekplaats van de sonde. Nadien dept u de insteekplaats droog met een schone handdoek. U ontsmet (zoals hierboven beschreven) en brengt een schoon verband aan.


Wanneer u een douche neemt, steekt u de urinezak in een plastic zak, zodat de buitenzijde ervan niet nat wordt.

Wissel van de sonde

Een suprapubische sonde dient ieder 6-8 weken gewisseld te worden.

 

Kostprijs

De been- en nachtzakken worden terugbetaald als u een doktersattest hebt. Apothekers kunnen echter wel een kleine opleg vragen van enkele euro’s. De been- en nachtzakken kan u ook bestellen bij een bandagist.


Het kraantje wordt niet terugbetaald.


Als een thuisverpleegkundige voor de verbandzorg instaat, dan wordt dit volledig terugbetaald, mits een doktersattest.
Als de sonde gewisseld wordt door een thuisverpleegkundige of huisarts, dan moet u zelf de sonde kopen bij de apotheker. De sonde wordt niet terugbetaald. Plaatsing van de sonde door een thuisverpleegkundige wordt wel terugbetaald. Als de huisarts de sonde wisselt, dan betaalt u de doktersconsultatie.


Laat u de sonde in het ziekenhuis wisselen, dan moet u hiervoor op consultatie gaan bij een uroloog. De sonde wordt door het ziekenhuis bekostigd en u betaalt de consultatie van de uroloog en voor het wisselen van de sonde.

 

Nevenwerkingen suprapubische sonde

Een sonde heeft enkele nevenwerkingen. Het al dan niet voorkomen en de ernst van de nevenwerkingen verschillen van persoon tot persoon en zijn onvoorspelbaar. Als u last hebt van één of meerdere nevenwerkingen, spreek daar dan over met uw arts.

 

Blaaskrampen

Blaaskrampen zijn pijnlijke samentrekkingen van de blaas of het voortdurende gevoel te moeten plassen. Soms hebt u op dat ogenblik last van urineverlies naast de sonde of door de plasbuis. De blaaskrampen worden meestal veroorzaakt door de blaassonde. De blaas wil dit vreemd voorwerp immers uit de blaas duwen.


Om de blaaskrampen te verminderen, drinkt u best minimum 1,5 liter water per dag. Zijn de klachten te erg, dan kan de arts hiervoor medicatie voorschrijven, zodat uw blaas als het ware rustiger wordt.

 

Urineweginfectie

Omdat u een blaassonde hebt, hebt u een groter risico op het ontwikkelen van urineweginfecties. Als u tekenen van een blaasontsteking en koorts hebt dan start de uroloog antibiotica op. Een infectie dient echter wel onderscheiden te worden van de aanwezigheid van bacteriën in de urine. Het is namelijk zo dat, door de aanwezigheid van het vreemde voorwerp in de blaas (de sonde), er in de urine bijna altijd bacteriën zullen teruggevonden worden. Dit hoeft niet altijd te wijzen op een echte infectie. Antibiotica zijn dus enkel zinvol indien er aanwijzingen zijn voor een echte infectie, zoals urineverlies naast de sonde of door de plasbuis, troebele urine, toegenomen plasdrang, koorts en mogelijks bloed bij de urine.


Aandachtspunten

Het is belangrijk om voldoende te drinken (1,5liter water per dag), indien er geen contraindicatie is. Dit om het risico op infecties zo laag mogelijk te houden.


Bij koorts en/of pijn kan best de huisarts of de uroloog verwittigd worden.

 

Wanneer de sonde verstopt en er dus geen urine meer afloopt, kan best de thuisverpleegkundige verwittigd worden. Er kan dan geprobeerd worden met een janet spuit met 50ml fysiologisch de sonde door te spoelen. Indien dit niet succesvol is, kan best de consultatie urologie verwittigd worden.


Bij problemen kan u steeds contact nemen met de consultatie urologie


Heeft u nog vragen of bemerkingen in verband met deze onderwerp?
Aarzel dan niet om uw arts te contacteren.
Urologie (route 51) 057 35 72 00, secheelkunde@yperman.net